Mevrouw Poe tegen de keizer van China. Een legende.

Tom Draisma, Lelystad, 12 maart 2019

INHOUD

  1. Het verhaal
  2. Een bekentenis
  3. Geraadpleegde bronnen
  4. Bij de illustraties

Tom verteller

__________________________________________________________

  1. Het verhaal

Mevrouw Poe tegen de keizer

Mevrouw Poe drentelde onrustig heen en weer in de mooie kamer van haar huis binnen de Verboden Stad. Ze gaf de planten water, legde een kleedje recht, en stofte het meubilair af. Ondertussen keek ze steeds uit het raam om te zien of haar man Song Lin er al aan kwam. Eindelijk, daar zag ze hem over de weg naar huis komen lopen. Maar wat liep hij er verslagen bij. Dat beloofde slecht nieuws!

    Wat was er dan aan de hand, zul je je afvragen. Welnu, de oude keizer was al enige tijd geleden gestorven en met veel ceremonieel begraven. Na allerlei intriges waren de leidende dignitarissen aan het keizerlijke hof te Peking er nu eindelijk uit: een nieuwe keizer beklom de troon. Mijnheer Poe Song Lin had het hele proces met verbazing, maar ook ergernis, aanschouwd zonder zich erin te mengen. Als taoïstisch wijsgeer was het zijn taak de keizer gevraagd en ongevraagd van advies te dienen inzake van moraliteit op alle beleidsterreinen. Die functie werd ook al vervuld door zijn vader, zijn grootvader, en zijn overgrootvader. Zijn voorgeslacht was onverbrekelijk verbonden met het hof.

    Maar nu leek alles te veranderen. Een paar weken na zijn troonsbestijging ontsloeg de keizer tal van adviseurs en verving ze door legeraanvoerders uit alle hoeken van het onmetelijke rijk. Zij rapporteerden over de vijanden van het keizerrijk die China’s grenzen bedreigden, en pleitten voor meer geld, grotere legers, en betere wapens. Als de volkeren langs de grenzen onderworpen zouden worden aan het keizerlijke gezag, zou dat de rust doen terugkeren. Meer soldaten, en meer en betere wapens, zouden veel geld kosten. De legeraanvoerders adviseerden de nieuwe keizer dan ook om de belastingen flink te verhogen.

    Toen mijnheer Poe van de voorstellen hoorde, bracht hij een weloverwogen advies uit aan de keizer. ‘Keizerlijke Hoogheid, de boeren zuchten nu al onder het gewicht van de belastingen. Verhoog ze niet! Denk aan de bevolking op het platteland! Sticht vrede met de heersers van de buurlanden!’  Maar de keizer wilde niet luisteren.

De nieuwe belastingen

    Wie jaarlijks per jaar één koe, paard, ezel, varken, geit of schaap belasting betaalde, moest er voortaan twee afstaan. Wie altijd aangeslagen werd voor drie zakken tarwe (in de noordelijke streken) of drie zakken rijst (in de zuidelijker gebieden) moest er nu vijf afstaan. En wie één zoon aan het leger had afgestaan, moest nu een tweede soldaat aan het leger leveren.  

Mevrouw Poe wachtte haar man bij de deur op, en liet hem binnen. ‘Kom gauw binnen, ik heb thee voor je. Wat is er gebeurd?’ En toen kwam het hoge woord eruit. ‘Vrouw, ik ben als adviseur ontslagen, en ons huis wordt opgeëist voor een legeraanvoerder en zijn gezin. We hebben een week om de Verboden Stad te verlaten.’

Tom meneer Poe

Ze vonden iets kleins in één van de Hutongs in een oud gedeelte van Peking. Meer konden ze zich niet veroorloven. Maar waar moesten ze van leven? Mevrouw Poe was niet voor niets met een taoïst getrouwd! Ze kende de wijsheden van Lao Tze bijna net zo goed als haar man. En dus suggereerde ze dat mijnheer Poe weer net als voorheen als taoïstisch wijsgeer en magiër door het land zou reizen om dan tegen een kleine vergoeding wijze raad te verschaffen en magische kunsten te vertonen. Daarmee zou hij beslist voor eten op tafel kunnen zorgen! ‘Maar’, voegde ze er aan toe, ‘we moeten ook een hulpfonds voor noodlijdende boerenfamilies stichten. Zodat we in ieder geval ook een aantal gezinnen die het hardst getroffen worden door de nieuwe belastingen, een steuntje in de rug kunnen geven.’ Stel je toch voor dat een gezin met één dochter en twee zonen beide zonen moet afstaan aan het leger. Wie moet dan het zware werk op het land gaan doen? Hun oogsten zullen kleiner worden, terwijl ze toch ook meer rijst als belasting moet afdragen!’ ‘Een tiranniek bestuur is erger dan mensetende tijgers!’, vond mevrouw Poe…  

    En zo gebeurde het: mijnheer Poe zwierf weer net als vroeger door stad en land om zo een inkomen te verwerven. Om de beurt gingen zijn oudste dochter of oudste zoon met hem mee om hun vader te assisteren. Samen droegen ze dan een grote oude kist met allerlei benodigdheden en attributen met zich mee. Die kist had mijnheer Poe vroeger ooit zelf ontworpen en gebouwd. De draagstokken staken aan de voorkant en aan de achterkant zo’n tweeëneenhalve voet uit, om de kist zo, achter elkaar lopend, makkelijk me te kunnen dragen.

Tom tiraniek

    Het was rond het Lentefestival, en het was bitterkoud. Op een dag kwamen vader en dochter in een garnizoensplaats aan waar op een groot plein het feest van de ontluikende natuur gevierd werd. Er lag helaas wel een flink pak sneeuw. Op een met vlaggen versierd podium onder een baldakijn zaten de gouverneur, de garnizoenscommandant, en andere hoge heren, samen met hun dames, om van alle acts op het plein te genieten. Windschermen beschermden hen tegen de kou. Thee en allerlei lekkers gingen rond voor hen. Het gewone volk stond zich te vergapen aan het deftige gezelschap, maar vooral aan alle kunsten en acts die dansers, zangers, jongleurs, zwaardvechters en noem maar op verrichtten.

    Magiër Poe duwde de menigte uiteen. Samen met zijn dochter droeg hij een grote kist. Mijnheer Poe liep voorop, het meisje droeg de achterkant van de kist. Voor het podium met het baldakijn zetten ze hun kist neer. Mijnheer Poe maakte een diepe buiging. Een dienaar kwam van het podium af en vroeg welke kunsten de vreemdeling kon vertonen. ‘Ik kan uit het niets levende zaken tevoorschijn toveren! Roept u maar!’

    De dienaar begaf zich terug naar het gezelschap. Na enig geroezemoes kwam hij terug. ‘Mijn meester de gouverneur wenst dat u hem en zijn gezelschap een sappige perzik voorzet!’ De magiër begon luidop te mopperen. ‘Hoe haalt u het in uw hoofd mij zoiets te vragen, midden in de winter, terwijl er een dik pak sneeuw ligt! Dat lukt me echt niet…Maar ja, beloofd is beloofd… Mijn enige kans is om er eentje uit de hemel te stelen.’

    Mijnheer Poe opende de kist en haalde daaruit een flinke rol stevig touw die hij om zijn rechterarm hing. Hij pakte met zijn linkerhand het begin van het touw beet, nam vijf slagen van de rol en gooide dat uiteinde toen hoog de lucht in. Het touw bleef rechtop in de lucht staan, en mijnheer Poe begon de rol touw af te winden totdat het begin in de wolken verdween. Hij riep zijn dochter en gebaarde haar om naar boven te klimmen en smeekte haar om in de hemel een perzik te zoeken. ‘Je weet toch, mij lukt dat klimmen niet meer, ik ben daar nu te oud voor!’ Met tegenzin begon de dochter in het touw te klimmen. Maar hoe hoger ze kwam, hoe meer plezier ze erin kreeg. Af en toe zwaaide ze naar de menigte, die haar dan toejuichte. Eindelijk werd ze door de wolken opgeslokt.

Tom Poe touw

[Tussen haakjes: In onze bron, ‘Strange Tales from Make-Do Studio’, wordt

gesproken over een kist waarin mijnheer Poe zijn vele attributen met zich mee droeg. In andere versies gaat men uit van grote draagmanden, zoals op deze afbeelding, die niettemin toch ook voor ‘Strange Tales’ gebruikt werd.]

______________________

 

Vervolg van verhaal

Na lang wachten, plofte er naast de magiër opeens iets in de sneeuw. Hij begon te stralen. Hij raapte de grote, heerlijk geurende perzik op, nam hem in de kom van zijn twee handen en liep er mee naar het hoge gezelschap op het podium. De dienaar kwam het trapje af, nam de perzik over en bracht hem naar de vrouw van de gouverneur. Zij en haar man roken eraan, knepen er voorzichtig in, en slaakten een kreet van verbazing. De perzik ging van hand tot hand. Ongelooflijk!

 

    Maar opeens … Wat was dat? Er plofte nog iets bij magiër Poe in de sneeuw. Mijnheer Poe slaakte een kreet van angst en afschuw: het was het hoofd van zijn dochter! En daar volgde al weer iets, een arm, een been… In stukken kwam het hele lichaam van zijn dochter naar beneden. De sneeuw kleurde rood. De menigte drong om hem heen, riep ‘Ah’ en ‘Oeh’ en ‘Nee toch?!’

    Iedereen keek verwijtend naar het hoge gezelschap op het podium. Mijnheer Poe rolde het hele touw weer op, opende het deksel van zijn grote kist, en maakte daarin van het touw een bedje voor de lichaamsdelen van zijn dochter. Eerbiedig raapte hij de delen van haar lichaam een voor een op en vleide ze op het bed van touw. Toen sloot hij de kist en begaf zich naar het podium. De menigte week uiteen.

   

    Mijnheer Poe wendde zich rechtstreeks tot de gouverneur en schreeuwde het uit. Mijnheer de Gouverneur, ik heb aan de wens van u en uw gezelschap voldaan. Maar tegen ondraaglijke kosten. Ik heb mijn enige dochter verloren. Hoe kom ik zonder haar hulp weer thuis? Wie zal de begrafenis betalen? Wie het graf?’

De menigte riep dreigend naar het hoge gezelschap: ‘Compensatie!’, ‘Betaal hem!’, en ’Het is jullie schuld!’ De stemming was totaal omgeslagen. Het hoge gezelschap keek ongerust naar een vluchtweg. Maar de gouverneur bleef kalm. Hij haalde een welgevulde beurs tevoorschijn, liep naar de balustrade en keerde hem leeg in de handen van de taoïst. Anderen volgden zijn voorbeeld. De menigte bedaarde. De beurs en de zakken van mijnheer Poe puilden nu uit van de goudstukken.

    Hij liep terug naar de grote kist. Iedereen begreep dat hij nu hulp van een andere drager nodig had. Een paar drongen al naar voren, wetend dat mijnheer Poe hen nu goed zou kunnen betalen.

    Maar wat was dat? Mijnheer Poe schopte flink tegen de zijkant van de kist, en riep zijn dochter eruit. ‘Kom joh, zou je de hoge heren niet eens netjes bedanken voor hun gulle gaven?’ Het deksel van de kist ging langzaam omhoog en daar stapte de dochter uit de kist. Mijnheer Poe greep haar hand, en samen maakten ze een diepe buiging in de richting van het hoge gezelschap op het podium. ‘En nu wegwezen!’, siste mijnheer Poe, ‘Vóór ze zich bedenken!’ En daar drongen ze zich al tussen de loeiende menigte door naar een smal zijstraatje. Ze regelden een rijtuig en lieten zich in volle vaart de stad uitvoeren.

    Wat was mevrouw Poe blij toen haar man en dochter weer veilig thuiskwamen! En wat was ze blij met de hoge opbrengst van deze reis! ‘Daar kunnen we weer heel wat arme boerengezinnen mee uit de problemen helpen…’.

Tom China

  1. Een bekentenis

Een zeer rudimentaire versie van dit verhaal is te vinden in Pu Songlin (1989, 2e druk 1996) Strange Tales from Make-Do Studio. Beijing: Foreign Language Press, ISBN 7-1129-00977-X. Pb., 446 blz., met zwart-wit illustraties. Vertaling uit het Chinees naar het Engels door Denis C. Mair en Victor H. Mair. Mijn vrouw Corine en ik kochten dit boekje op een van onze reizen door China. In die pocket is dit verhaal nummer 3 van de 51, en getiteld ‘The Theft of a Peach’.

    Ik heb het verhaal in samenspraak met Corine uitgebreid met elementen die ik in andere literatuur uit China vond; en het leek me ook leuk het te laten beginnen in de Verboden Stad rond het oude keizerlijke paleis omdat we die samen bezocht hebben. Ik zie mijn zelfbedachte ‘legende’ als een vrije podiumbewerking van een bestaand verhaal dat in Nederland onbekend is. Ik vertel het iedere keer ook weer even anders dan vorige keren. Ik heb het verhaal trouwens nog nooit helemaal uitgeschreven, en het verhaal hierboven is mijn eerste volledige tekst over het verhaal.

    In het boek heeft de taoïst geen naam, en als hommage aan Pu Songlin, die zelf de Tao (‘de weg’) volgde en meer dan 500 verrassende en bizarre verhalen heeft te boek gesteld, heb ik hem en zijn gezin tot hoofdpersonen gemaakt.

    Pu Songlin leefde van 1640-1725. In het fascinerende voorwoord van 13 bladzijden bij ‘Strange Tales from Make-Do Studio’ schrijven Wang Jisi en Liu Liemao over de levensloop van de historische Pu Songlin, en over de impact die zijn verhalen al eeuwenlang op zijn lezers hebben. Zo schrijven zij dat hij een scherp criticus van de feodale maatschappij van zijn tijd was, en dat hij in die mannenmaatschappij altijd zeer respectvol over vrouwen schreef, ook over rebelse vrouwen. Dat verklaart m.i. waarom de Chinese Communistische Partij (CCP) de heruitgave van dit boek, en de uitgave van een Engelstalige editie door de ‘Foreign Language Press’ te Beijing, zal hebben toegejuicht en mogelijk gemaakt. De partij was en is er namelijk op gebrand om een einde aan de onderdrukking van vrouwen te maken, zodat zij zich, gelijkwaardig aan mannen, kunnen inzetten voor een betere maatschappij.  Als westerlingen plaatsen wij uiteraard vraagtekens bij de aspiraties van CCP, en al helemaal bij de onder Voorzitter Mao ontketende ‘Culturele Revolutie’. Toch staat het buiten kijf dat de positie van vrouwen in China, na de machtsovername door de communisten, zeer is verbeterd, o.m. ook door het sterk uitgebreide onderwijs.

    Terug naar Mijnheer Poe. In dagboeken die tijdgenoten van hem bijhielden, komt hij tevoorschijn als een verhalenverzamelaar met een theeschenkerijtje onder een wilgenboom. Hij vroeg langsreizende mensen of zij hem een verhaal wilden vertellen. Zo kwam mijnheer Poe aan de bijnaam Story Maniac ofwel Verhalenmaniak. Sommigen stuurden hem ook ongewone verhalen toe. Hij verzamelde er meer dan 500, waarvan dit boekje er 51 bevat! Ze vormen een schat aan gedeelde volkswijsheid.

 

  1. Geraadpleegde bronnen

Pu Songlin (1989, 2e druk 1996) Strange Tales from Make-Do Studio. Beijing: Foreign Language Press, ISBN 7-1129-00977-X. Pb., 446 blz., met zwart-wit illustraties. Vertaling uit het Chinees naar het Engels door Denis C. Mair en Victor H. Mair.

Yuan Guang (1999) A Taoist Miscellany. Beijing: Foreign Language Press, ISBN 7-119-02163-X. Pb., 268 blz., met zwart-wit illustraties. Vertaling uit het Chinees naar het Engels door Cheng Yu, managing editor.

Yuan Zhen and others (2001) Selected Chinese Short Stories of the Tang and Song Dynasties. Beijing: Foreign Language Press, ISBN 7-119-02098-6. Pb., 306 blz., met enkele zwart-wit illustraties. Vertaling uit het Chinees naar het Engels door Yang Xangyi, Gladys Yang and Huang Jun.

Zhang Ze en Wouter Peters, verhalenzoekers, bewerkers en vertalers (1996) Wijze Verhalen uit het oude China. (Zhang & Peters zijn een echtpaar) Zuidnederlandse Uitgeverij N.V./Deltas, België-Nederland. Geb., 105 blz. Met illustrates in zwart-wit, en een Chinees spreekwoord of gezegde bij ieder verhaal, zowel in het Nederlands als in Chinese karakters.

Niet geraadpleegd, maar hier wel vermeld: Leven, Friedrich von der, bijeenbrenger  (1973) Chinese sprookjes. A.W. Bruna & Zoon. Bruna sprookjes, mythen en legenden nr 3. Pb., 222 blz. ISBN 90-229-33032. Dit is een vertaling, door Ef Leonard, van de oorspronkelijke uitgave in het Duits van 1958, uitgegeven door Eugen Diederichs Verlag, Düsseldorf-Köln. Het boekje bevat 59 sprookjes.

 

 

  1. Bij de Illustraties

Illustratie 1

Een ‘Leugenbankje’ in China. Reken maar dat deze oude mannen hun klassieken kennen, en dus ook de wonderbaarlijke verhalen van Pu Songlin. (Foto Corine & Tom, 2004, gemaakt in de omgeving van Dali, provincie Yunnan)

Illustratie 2

Dit Plaatje komt uit ‘A Taoist Miscellany’. Het deed ons denken aan de Keizer die adviseur Poe de laan uitstuurde.

Illustratie 3

‘Een Tiranniek Bestuur is erger dan Tijgers’. Uit: Zhang & Peeters (1996, blz 33).

Illustratie 4

Mijnheer Poe middenin zijn act. Uit: Strange Tales, blz. 11.

Illustratie 5

Ook in het China van de 21e eeuw is de magie nooit ver weg… (Foto Corine & Tom, 2004)

 

Evenement aanmelden?

Organiseer je een evenement in het kader van Wereldverteldag? Zorg dat de bezoekers van deze website je kunnen vinden en meld je evenement aan!

Ga naar het aanmeldformulier